Veiligheid en beveiliging in een museum: wat zijn de risico’s?

 

Nederland is rijk aan zo’n kleine 1000 musea, uiteenlopend van openluchtmusea tot inpandige tentoonstellingen met bijvoorbeeld historische of moderne kunst. De meestal zeer waardevolle collectie van getoonde objecten is het belangrijkste goed van een museum. Zij is niet alleen kostbaar, zij is meestal ook onvervangbaar en moet dus op de best mogelijke manier beschermd worden tegen alle mogelijke gevaren.

Enerzijds willen musea een zo open en toegankelijk mogelijke uitstraling, anderzijds wil men voorkomen dat de collectie aangeraakt, vernield of zelfs gestolen wordt. Men dient dus continue te balanceren tussen die openheid en veiligheid. Daarnaast liggen er nog een aantal andere mogelijke gevaren op de loer. Hoe kan u als verantwoordelijke voor de museumveiligheid en -beveiliging het beste met deze gevaren omgaan?

Brandschade

Niet alleen bent u in geval van brand verantwoordelijk voor de bezoekers en het personeel, ook het in rook zien opgaan van uw collectie, is een ondenkbaar scenario. Het allerbelangrijkste is vroegtijdige detectie; hoe eerder, hoe beter. Tegenwoordig bestaan er intelligente camera’s die vlammen en rook bij het ontstaan al detecteren, zolang het in het bereik van de camera plaatsvindt. Een ‘standaard’ rookmelder geeft pas een alarm op het moment dat de rook of hitte de melder heeft bereikt. Vaak is de brand dan al verder ontwikkeld, waardoor het moeilijker is om deze snel onder controle te krijgen.

Voor het geval er toch een brand uitbreekt, dient men een aantal zaken vooraf al geregeld te hebben. Een goed calamiteitenplan dat in nauwe samenwerking met de brandweer is opgesteld, is onontbeerlijk. De waardevolle kunstobjecten moeten namelijk bij een brand zo snel mogelijk in veiligheid gebracht worden, waarbij de waarde van de kunst mede bepaalt in welke volgorde de kunstwerken ‘ontruimd’ moeten worden. (In ons volgend artikel meer over het calamiteitenplan voor musea). Laat u verder goed adviseren over:

• geschikte blusmiddelen: water en schuim bijvoorbeeld kunnen de collectie aantasten;
• speciale bekabeling: een kwart van de branden in musea ontstaat door kortsluiting;
• compartimentering van extra kostbare (kunst)objecten;
• branddetectiemiddelen die geen afbreuk doen aan de esthetiek van uw gebouw;
• en over het juiste compromis tussen veiligheid, openheid en kosten.

Waterschade

De tegenhanger van vuur, water, kan ook enorme schade aanbrengen aan een kunstcollectie. De kans op waterschade is het grootst bij opslagdepots, die zich vaak in kelders bevinden. Overstromingen door hevige regenval komen door het veranderende klimaat steeds vaker voor. Ondergrondse ruimten lopen daardoor eerder kans onder water te lopen. Ook moet men in dergelijke ruimten alert zijn op luchtvochtigheid en schimmelvorming. Er bestaan zogezegde waterpeil- en luchtvochtigheidsmeters, die een melding naar uw gebouwbeheersysteem kunnen sturen, zodat u wordt geïnformeerd als er in een depot een onacceptabele laag water staat of de luchtvochtigheid te hoog is. Heeft een kunstwerk toch schade opgelopen, onderneem dan zo snel mogelijk actie. Liefst binnen de 48 uur, zodat eventuele schade nog hersteld of voorkomen kan worden. Check de voorwerpen ook regelmatig op schimmelgroei en corrosie en isoleer het object onmiddellijk als er een schimmel is aangetroffen, om uitbreiding van de ‘besmetting’ te voorkomen. Waar men bij brand de kunstobjecten het beste kan categoriseren op waarde, kan men bij kans op waterschade de kunstobjecten het beste indelen op basis van kwetsbaarheid voor water.

Om een calamiteit, of het nu om brand of waterschade gaat, zo goed mogelijk te kunnen beheersen is voor beide gevallen een sluitende registratie noodzakelijk van alle tentoongestelde, in bruikleen zijnde en opgeslagen kunstvoorwerpen met informatie over hun waarde, verzekering, kwetsbaarheden, te nemen maatregelen, etc.

Objectbeveiliging

Een ander gevaar voor waardevolle objecten is de kans op diefstal, vernieling en/of beschadiging. Er zijn diverse mogelijkheden waarmee u de veiligheid van de collectie kunt vergroten. Enerzijds biedt intelligente videoanalyse in bewakingscamera’s de mogelijkheid om een signaal af te geven, zodra mensen te dicht in de buurt komen van een object, deze aanraken of misschien zelfs verplaatsen. Anderzijds kunnen kleine bewegingstags op objecten aangebracht worden, die ook een alarm genereren, zodra het object bewogen wordt. Een nieuwe ontwikkeling, die einde dit jaar verwacht wordt, maakt het zelfs mogelijk om objecten te voorzien van tags die overal getraceerd kunnen worden; of het zich nu in een container, een bunker of onder water bevindt. Deze nieuwe ontwikkeling maakt diefstal nog onaantrekkelijker, omdat de kans op terugvinden gemaximaliseerd wordt. Nog enkele tips:

• Zorg voor koppelingen tussen inbraak-, toegang- en videosurveillancesystemen.
• Zorg zoveel mogelijk voor inbraakvertragende of –werende componenten
• Check of uw videocamera’s juist gepositioneerd zijn of laat dit door een deskundige doen.
• Maak gebruik van kwalitatieve camera’s om duidelijke beelden te krijgen en eventuele herkenning mogelijk te maken.

Verzekerd

Mocht onverhoopt, ondanks alle maatregelen die u getroffen hebt, er toch iets vervelends gebeuren met één of meerdere onderdelen van de collectie, dan is het uiteraard van groot belang dat u hiervoor een goede verzekering hebt afgesloten. Als aandachtspunt kunnen we hierbij meegeven dat standaardpolissen meestal niet geschikt zijn om uw collectie mee te verzekeren. Een goed advies van een verzekeraar die kennis heeft van de museale wereld is echt aan te raden.

 
 
 

Bosch Security Projects helpt en adviseert u graag hoe u de veiligheid en beveiliging van uw waardevolle kunstvoorwerpen het beste kunt beschermen tegen mogelijke gevaren, daarbij rekening houdend met de geldende prioriteiten, diverse belangen en kosten. Samen met u zoeken we naar een optimale balans tussen een zo adequaat mogelijke beveiliging en het behouden van een open, toegankelijke structuur.